Baanverdubbeling

Als in 1859 in de Tweede Kamer gedebatteerd wordt over de aanleg van de Noorderspoorweg in Nederland blijkt dat men tegen de aanleg van een dubbele aardbaan en kunstwerken is in verband met de hoge kosten. Er staat letterlijk: “ … en al hetgeen, zoals aanleg van een doorlopend dubbel spoor, niet noodzakelijk is te mijden…. “.

In de 19e eeuw werden de meeste spoorlijnen in Nederland als enkel spoor aangelegd. In het westen en zuiden van het land werden enkele spoorlijnen in de loop van de jaren verdubbeld. De roep om verdubbeling van spoorlijnen in het Noorden werd rond 1905 steeds luider. Het traject Zwolle-Meppel werd in 1907 verdubbeld. Dat verdubbeling van de lijnen er ook voor het Noorden in zit, blijkt in 1910. Bij het vervangen van de telegraafpalen langs de lijn Meppel-Groningen (Staatslijn C), worden deze verder van de bestaande lijn geplaatst, zodat bij aanleg van de tweede baan de palen kunnen blijven staan. In 1913 wordt gesproken over een dubbele lijn op het baanvak Leeuwarden-Veenwouden. Echter de tweede baan betreft een trambaan van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij, naast die van het Staats Spoor. De trambaan komt er niet. Wel gaat de tramwegmaatschappij gebruik

Spoorwegkaart 1910

(klik op afbeelding voor vergroting)

maken van de spoorlijn. De lijn blijft dus enkelbaans.

In 1930 is de verwachting dat er een nieuwe spoorlijn over de Afsluitdijk zal worden aangelegd, waardoor het traject Harlingen-Duitse grens internationale betekenis zal krijgen. Verdubbeling van de lijn zal dan niet lang op zich laten wachten… De spoorlijn over de Afsluitdijk komt er echter niet en de verdubbeling ook niet. Daarna is het ruim een halve eeuw lang stil.